Universiteit en epidemie


Jo Clauwaert, 'De medische vooruitgang', 2020
(© Jo Clauwaert)

Ziekte-epidemieën teisteren Gent in meer of mindere mate doorheen de hele 19de eeuw. De eerste grote choleraplaag van 1832 heeft de medische wereld in het algemeen en de Gentse geneeskundefaculteit in het bijzonder, zeer beroerd. De ‘bovenklasse’, waartoe ook de professoren en de studenten behoren, wordt keihard geconfronteerd met de ellendige levensomstandigheden van de onderkant van de samenleving, en dat telkens opnieuw bij elke nieuwe epidemie. Het opent de ogen van de medici voor de sociale problemen in de 19de-eeuwse maatschappij. Professoren en artsen doen aan sociologisch onderzoek en leveren op die manier een fundamentele bijdrage aan de verbetering van ‘het lot van het werkvolk’, zoals het in die jaren vaak wordt geconcipieerd. Hoewel humanitaire overwegingen vaak een rol spelen, is pragmatisme nooit veraf.

Sociale kwestie

Het eerste grote onderzoek naar de werkomstandigheden van de Gentse katoenarbeiders, gebeurt in 1843 door Daniël Mareska, arts en hoogleraar aan de Faculteit Wetenschappen en dokter Jules Heyman. Het wordt twee jaar later uitgegeven en is tot vandaag één van de voornaamste bronnen voor de sociale geschiedenis van Gent.
Ook Adolphe Burggraeve die als hoogleraar verbonden is aan de medische faculteit van 1832 tot 1868 wijdt vanaf de jaren 1860 verschillende bijdragen aan de sociale kwestie. Als liberaal gemeenteraadslid van 1857 tot 1881 heeft hij voldoende gewicht om enkele van zijn vaak utopische projecten te realiseren.
Zijn collega-hoogleraar Nicolas Du Moulin, die pas in 1857 aan de UGent wordt benoemd, is zeer begaan met de hygiëne in Gentse wijken en publiceert er, naar aanleiding van de grote cholera-epidemie van 1866, een uitgebreide enquête over.

Brochure Joseph De Block

Vanaf de choleraplaag van 1832 verschijnen ook talrijke  epidemiologische en medische studies, waar Gentse professoren de hand in hebben. Iemand die bijzonder invloedrijk is, is Joseph De Block, die als hoofdarts van een cholerahospitaal in de vuurlinie staat. Het jaar na de plaag publiceert hij de brochure ‘Sur le traitement du choléra-morbus’ die zoveel succes heeft dat ze het jaar nadien herdrukt wordt. Als in 1849 de cholera in Gent opnieuw zwaar toeslaat, past hij zijn brochure van 1833 aan en vervolledigt ze. Hij stuurt 3.000 brochures naar de minister van binnenlandse zaken, Charles Rogier, die ze laat verdelen onder alle geneesheren van België, de provincie- en gemeentebesturen. Korte tijd nadien vertaalt De Block zijn werk in het Vlaams, waarmee hij ook in Nederland een groot succes kent. Nog eens meer dan 1.000 exemplaren van de Franstalige en Nederlandstalige editie worden verkocht.

Nieuw hospitaal Bijloke

De menigvuldige epidemieën die Gent in de loop van de 19de eeuw teisteren, maken pijnlijk duidelijk dat het gebouwencomplex van de Bijloke, dat in de loop der eeuwen rondom de gotische hospitaalzaal uit 1228 is opgetrokken, noch qua capaciteit, noch qua infrastructuur voor haar taak geschikt is. Dit geldt a fortiori voor het medisch praktijkonderricht. Vooral de universiteitsprofessoren Joseph Kluyskens, tevens chirurg in de Bijloke, Adolphe Burggraeve en Joseph Guislain, die alle drie gedurende jaren lid zijn van de Gentse gemeenteraad,  oefenen druk uit op het stadsbestuur om haast te maken met de bouw van een nieuw ziekenhuis. Zo houdt de pas verkozen Kluyskens in de zitting van de Gemeenteraad van 25 februari 1837, een warm pleidooi voor een nieuw algemeen hospitaal en een nieuw hospitaal voor geesteszieken.   Maar ook Jean-Baptiste Van Lokeren, die als hoofddokter aan de Bijloke verbonden is en tot zijn dood in 1841 in de Gents gemeenteraad zetelt, is een fervent pleitbezorger voor een nieuwbouw. De bouwwerken naar een plan van de Gentse hoogleraar Adolphe Pauli, starten uiteindelijk in 1864. In 1876 is het nieuwe hospitaal klaar; ruim te laat om de slachtoffers van de grote cholera-epidemie van 1866 op te vangen.

‘Société de Médecine de Gand’

Grote katalysator voor de wetenschappelijke medische en sociologische activiteiten die in Gent ontplooid worden, is de ‘Société de Médecine de Gand’, die in de nasleep van de cholera-epidemieën in juli 1834 gesticht wordt. Gent beschikt sinds 1800 niet meer over een medische vereniging. Zowat alle protagonisten in de strijd tegen de eerste choleraplaag, ‘de helden van 1832’, zijn stichtend lid van de Société. Ze geven een Bulletin uit dat internationaal wordt geprezen, waarin de talrijke epidemieën die vooral de arbeidersklasse teisteren, hygiëne en volksgezondheid, ruimschoots aan bod komen. Maar ook aan de geestesziekten wordt bijzonder veel aandacht besteed, geschreven of geïnspireerd door de alom vermaarde dr. Joseph Guislain, die eveneens tot de stichtende leden behoort.

Bacteriologie

De medische wetenschap kent een echte revolutie door het werk van Pasteur en Koch in de jaren ’60 en ’70 van de 19de eeuw. Wanneer professor Etienne Poirier in 1885 zijn cursus hygiëne overlaat aan Emile Van Ermengem, die pas terug is van een stage in het laboratorium van Robert Koch in Berlijn, wordt Van Ermengem ook titularis van de nieuwe cursus bacteriologie. Een jaar later kan hij zijn bacteriologisch laboratorium inrichten in een oud schrijnwerkatelier, gelegen langs de Bijlokekaai en behorend tot het patrimonium van de Commissie van Burgerlijke Godshuizen. De Leuvense collega Joseph Denys krijgt pas zijn bacteriologisch instituut in 1899. In de loop van 1903 kan Van Ermengem het nieuwe laboratorium voor Hygiëne en Bacteriologie in het pas voltooide Rommelaerecomplex, in gebruik nemen.

20ste eeuw

Het is wachten tot de aanstelling van Emile Nihoul in 1950, alvorens de Gentse universiteit over een laboratorium voor virologie beschikt. In het labo wordt de eerste weefselcultuur van poliovirus in België uitgevoerd. De polio-epidemie die in Gent in 1952, maar vooral in 1956 een 150 kinderen treft, is de aanleiding om versneld het Academisch Ziekenhuis aan De Pintelaan in gebruik te nemen.
Gedurende de 20ste eeuw is polio of kinderverlamming, na de Spaanse griep die in 1918 en 1919 wereldwijd tientallen miljoenen slachtoffers maakt, de epidemie die Gent het meest in het hart treft. Over de Spaanse griep beschikken we voor Gent, dat op dat ogenblik door het Duitse leger bezet is, niet over cijfers, maar de ravage is enorm. Men schat dat in België bijna 300.000 slachtoffers vallen. Van de corona-epidemie van 2020 zal pas na afloop de ware omvang gekend zijn.

Frank Cotman
Vakgroep Geschiedenis UGent
22 april 2020

 

Dit artikel maakt deel uit van het UGentMemorie-dossier ‘Coronacrisis: historisch?

Hoe verwijs je naar dit artikel?

Cotman, Spencer. "Universiteit en epidemie." UGentMemorie. Laatst gewijzigd 29.04.2020. https://www.ugentmemorie.be/artikel/universiteit-en-epidemie

Deel deze pagina: